Voorjaar 2012 - Centraal-Amerika

vrijdag 23 december 2011

Kleur, koffie en Kerstkitsch: Colombia

Meer dan 4 weken rondreizen in het wondermooie Colombia hebben me verre van duidelijk gemaakt waarom dit prachtige land door de buitenwereld geassocieerd wordt met gevaar en onheil... ok, ik moet toegeven dat ik me niet gewaagd heb aan een exploratie van het alombekende witte poeder en wellicht zagen de bekende guerillabewegingen in mij geen gevaar. Voor zover beide geen deel uitmaken van je verblijf in deze presidentiële Republiek, zul je waarschijnlijk enkel enkel vol van lof zijn over dit adembenemde land (alvast mijn excuses: de superlatieven zullen zich in het vervolg van dit schrijven blijven opstapelen...)

Meteen nadat je de landsgrens tussen Ecuador en Colombia oversteekt, nestelt de Colombiaanse pracht zich om je heen: halsoverkop wordt je meegezogen in de overweldigende schoonheid en lamdschappen die oneindig lijken. Ontelbare schakeringen van groen, heerlijk mooie heuvel- en berglandschappen, glooiende dalen en een felle zon maken de bewogen ritten over de kronkelige wegen die je over de toppen van de uitlopers van Andes voeren, een heel stuk aangenamer. Nog steeds raak ik maar niet gewend aan die overdosis aan natuurlijke schoonheid. Elke keer opnieuw bedenk ik me: "maar allez, waar ben ik nu in godsnaam weer...". Soms zou ik Colombianen op de schouder willen tikken om hen te vragen of ze deze overdosis aan dit kleurrijke schouwspel wel normaal vinden, zij wonen hier potverdikke gewoon altijd! Ze groeien hier in op! Ze hoeven geen verre reizen te maken om dit te aanschouwen. Het lijkt wel of ze immuun geworden zijn voor al dat moois terwijl dit mij keer op keer weet te verbazen. Mijn verzadigingsniveau van de 'waauw-factor' is nog lang niet bereikt...
Colombia = koffie - al weet ik nu niet precies meer of ik dit ook al wist voor ik naar Colombia kwam... - en dan vooral erg straffe koffie. Niet dat ik een geweldige kenner ben, maar lekker was het wel. Iets waar elke hostel mee uitpakt trouwens: gratis koffie t à volonte, ! Dus trokken we naar Salento, de kofiieregio bij uitstek, waar we een koffieplantage bezochten en leerden hoe een koffieboon tot een heerlijk kopje koffie wordt. Best ingewikkeld... En opnieuw: pracht en praal daar tussen de heuvels boven de wolken (het spijt me, ik kan er niet over zwijgen).
Vermits het mij niet lukt mijn fascinatie voor dit land onder woorden te brengen, is het misschien wijselijker even over te schakelen op beeldmateriaal. Kijk en oordeel zelf:

Guatape... heeft mijn hart gestolen. Het huis in het midden was de hostel waar we verbleven.
Gigantische palmbomen! Zoek Valerie en Marjolein.
Of ik hier de man van mijn leven al ben tegengekomen? Goed nieuws voor de mogelijke kandidaten onder jullie: neen. Mannen zijn hier vooral behoorlijk klein :-) (jaja, ik weet het, schoonheid zit vanbinnen...). Groot zijn in Zuid Amerika blijkt niet altijd even handig  te zijn (die mannen buiten beschouwing gelaten dan): bedden zijn vaak te kort, wasbakken te laag en plaats voor je benen in de bus een utopie. Maar wel weer lekker makkelijk om in de gigantisch grote shoppingmalls boven de mensenmassa heen te kijken.

Kerst vieren nabij zon en srand, het is eens iets anders. Ik kan niet zeggen dat het Kerstgevoel in me opgewekt werd, al deden de Colombianen enorm hun best! Kerstversiering is massaal aanwezig, alsof er een wedstrijd van gemaakt wordt om ter meeste flikkerende lichtjes in alle mogelijke kleuren in, aan en rond je huis te hangen. Palmbomen worden rijkelijk van lampjes voorzien en honderden Kerststallen kleuren de straten.
Colombia is groot, vele uren  hebben we al in bussen doorgebracht. Grappig trouwens dat je over de prijs kan onderhandelen en helemaal handig wanneer de prijs nog meer daalt wanneer je 3 blanke grieten in de aanbieding hebt. Lange busritten zijn niet erg bevorderlijk voor ons bevallig achterste, maar tegelijk een manier om stukken van het land te zien. Toch wel gek dat je 12 uur aan een stuk in een bus kan zitten waarbij je zelfs nog eens niet de helft van het land doorkruist hebt...




En toen was er eindelijk voor het eerst kust! De Caraïbisce Zee nog wel in het koloniale Cartagena de Indias. Kijk je links van je, dan zie je het oude, kleurrijke gevels die als een grote mozaïek het oude stadscentrum kleuren, op de lange malecon rechts van je reizen hoge, moderne gebouwen op. Werelderfgoed vs moderniteit in een oogopslag. De rust en uitgestrektheid die we gewend waren, slaan plots om in een gezellige drukte en zwoele Caraïbische sfeer. Mensen gaan schaarser gekleed, buiken en borsten zijn opvallend meer aanwezig dan voorheen, straatventers en fruitkraampjes en alle mogelijke etenswaren bieden zich overal op straat aan. En het is er warm, brandend warm.







De drukte even achter ons gelaten en op weg naar de mooie stranden en hun waaiende palmbomen in en rond Santa Marta waar we kennis maakten met Frederieke, Marjoleins zus, overgevlogen vanuit Panama waar ze een jaar op AFS uitwisseling is. Terwijl zij op zoek gingen naar la Ciudad Perdida, ontdekten Valerie en ik Colombia's stranden en onderwaterwereld, maakten we kennis met de lokale Rhum en dansten we tot in de vroege uurtjes op een dak, vergezeld van een heerlijke zeebries, de maan en haar fabelachtige weerspiegeling op de Carabische Zee.
Cartagena zou het laatste stukje Zuid-Amerika onder onze voeten zijn. Van hieruit ging het richting naar een volgend continent: Centraal Amerika. Klaar voor een waanzinnige en avontuurlijke zesdaagse tocht per behoorlijk kleine zeilboot over de Caraïbische zee en doorheen de fabelachtige San Blas Archipel. Bestemming: Panama.
 Charlotte x

maandag 28 november 2011

Ecuador; boven, onder en in de wolken.

... zo goed als een jaar geleden zette ik een punt achter mijn Afrikaanse avontuur. Een thesis, universitaire titel - en zoveel meer dan dat - later, breekt er opnieuw een tijd aan waarin ik mijn webben verder over onze aardbol heen verspreid (met dank aan Dhr. Geertz voor deze mooie metafoor voor de kenners onder jullie).

Van het ene land gelegen op de evenaar - Ghana- steek ik de oceaan en een half continent over, op naar het land dat naar dit midden van onze wereldbol genoemd werd: Ecuador. Het eerste land in een rijtje van vele op weg naar eindbestemming Guatemala, vergezeld van studiegenoten Valerie en Marjolein.




Daar Ghana wel eens “Afrika in het klein genoemd wordt”, is het misschien niet onterecht dat dit, wat Zuid-Amerika betreft, gezegd kan worden over Ecuador: de Andes is er magnifiek groen, de vele watervallen ontelbaar, de besneeuwde toppen van vulkanen reiken makkelijk boven de 5000 meter, de jungle is benauwend warm en de muggen steken er harder dan elders. Zo loop je de ene dag in Quito, wat na La Paz (Boivië) de hoogst gelegen hoofdstad ter wereld is, rond met een sjaal en dikke trui, een busrit van een uur of 5 later brengt je naar het Amazonewoud waar je smeekt om een ijskoude douche.

De Andes strekt zich in Ecuador uit over het midden van het land, een waar paradijs voor ervaren klimmers en trekkers. Wij rekenen onszelf niet meteen tot deze laatste categorie, maar wel tot stoere grieten die best wel een stevige - doch haalbare - meerdaagse trekking aankunnen. Als ware avonturiers, enkel vergezeld van een zeer summier beschreven route met aanwijzingen als: “voorbij de 2e grote steen naar rechts”, “het bewuste pad is op het eerste zicht niet echt zichtbaar, maar als je goed kijkt vind je het wel” en “neem de boomstam om over de rivier te  raken”. Drie dagen wandelen over bergpassen en doorheen valleien, met als eindbestemming een vulkaan met een pracht van een kratermeer. Des te avontuurlijker werd het toen we op een gegeven moment de weg kwijt waren – we haden een paadje gemist – , we op de flanken van de verkeerde berg liepen en de weinige mensen die we tegenkwamen ons gedurende een periode van twee uur maar bleven zeggen dat we er over 2u zouden moeten zijn... Maar goed, we bereikten ons doel, aanschouwden een kratermeer zoals ik er nog nooit eentje zag en waren behoorlijk trots op de afgelegde kilometers, de getrotseerde klimmen en hoogtes.

Een klimmetje van ruim 600m, aft e leggen op nog geen uurje tijd, behoort  tot zulke avontuurlijke wandelingen. Schriele paardjes en ezels sjouwen er kilo’s rijst naar boven, vrouwtjes die we in België met rusthuizen zouden associëren leggen deze bergpassen dagelijks blootvoets af om van het ene dorp naar he andere te raken. En probeer dan maar eens aan een Ecuadoriaan uit te leggen dat de hoogste “bult” in België amper 700m hoog is…

En toen was er de jungle, het Amazonewoud waar niet zweten en puffen geen optie is. Valerie verbleef er vorig jaar in het kader van haar thesisonderzoek twee maanden in een familiegemeenschap waar zogenaamde “indígenas” leven. Leuk om eens op de veldwerkplek van een klasgenoot te komen waar haar aanhoorde verhalen plots werkelijkheid worden. In tegenstelling tot mijn gammel kamertje in een immer levendige stad in Ghana en het elke dag eten van kilo’s rijst en cassave, vormt deze plek – Saporumi genaamd - een Klein Paradijsje. Stromend water vind je enkel in de rivier die midden doorheen het landgoed stroomt, het eten van mama Salome is er heerlijk, de rust en overweldigende natuur onuitputtelijk. Fijn om even niet te hard een toerist te zijn, maar je te laten meenemen in “the local way of life”…




Nog dieper het Amazonewoud, daar waar de verharde weg ophoudt en het verder gaat per veredelde sloep, ging het naar Lago Agrio, niet ver van de Columbiaanse grens. Slapen in het midden van de jungle alvorens de gigantische kakkerlakken uit je bed te hebben gehaald in een kamer waar geen glas in de ramen staat - wetende dat de voornaamste woudbewoners tarantula’s, aapjes en slangen zijn in - het is eens iets anders. We leerden piranha’s vangen, aten versegevangen vis, gingen op kaaimannenjacht en hakten on seen weg doorheen de dichtbegroeide jungle.

Jaren geleden, toen ik nog klein en schattig was, hadden we een Foster Parents Plan kindje, Wilson genaamd, “ergens in een klein dorpje in Ecuador”. Ons beeld van het arme kindje in een gammel dorpje veranderde  toen hij mijn zus en mij toevoegde op Facebook en we met hem, met het Enegls als voertaal, virtueel konden babbelen. Het werd helemaal onwerkelijk op de dag dat ik hem in Riobamba, een universiteitsstad in het midden van Ecuador, ontmoette. Een beetje onwennig  allemaal, maar zeer fijn om zijn stad, unief en woonst te kunnen aanschouwen.

Toen was er weer Quito met haar mooie, koloniale oude centrum,


maakten we persoonlijk kennis het midden van de wereld waar knal op de evenaar zaten,

kochten we niet te veel souvenirs in het mooie Otavalo

en zoveel meer…


 Charlotte